De juiste plaatsing van de monitor

In principe geldt dat de monitor zo moet worden geplaatst, dat de bovenste regel op het display niet boven ooghoogte uitkomt. Als de monitor beduidend lager staat kijkt de gebruiker licht naar beneden. Dit komt dit het fysiologische aanpassingsmechanisme van het oog ten goede en is dus bevorderlijk voor betrouwbaar zicht op korte afstand. Een ander voordeel van een lage beeldschermpositie is dat het ooglid bij een neerwaartse blik een groter deel van het oog bedekt, waardoor uitdrogen van het hoornvlies wordt voorkomen.

Beelschermpositie
Bij een neerwaartse blik bedekt het ooglid meer van het oog en voorkomt daarmee het uitdrogen van het hoornvlies.

Bovendien moet de zichtas altijd evenwijdig lopen aan het raam. Als het vanwege bouwkundige factoren onvermijdelijk is dat er zich ramen voor of achter de monitor bevinden, dan is geschikte zonwering (jaloezieën, rolluiken, vouwgordijnen, enz.) vereist. De luminantieverschillen, dat wil zeggen de verschillende helderheden in het gezichtsveld van degene die naar de monitor kijkt, spelen überhaupt een belangrijke rol. De verhouding tussen de helderheden moet altijd in evenwicht zijn om grotere verschillen in de aanpassing van het oog te voorkomen, omdat deze een extra en vermijdbare visuele belasting vormen.

Hoewel de richtlijnen van de ARBO-dienst voor het inrichten van computerwerkplekken uitgaan van een minimale afstand van 50 cm, is voor mensen met verminderd gezichtsvermogen omwille van vergrotingstechnische redenen vaak een veel kortere kijkafstand vereist. Dit hoeft niet per se schadelijk te zijn, maar in dit geval moet beslist een zwenkarm voor de monitor worden gebruikt om ergonomisch slechte lichaamshoudingen te voorkomen. In individuele gevallen kan het in deze context zinvol zijn de monitor hoger te plaatsen (bijvoorbeeld het midden van de monitor op ooghoogte), omdat anders voor korte kijkafstanden een zeer slechte houding moeten worden aangenomen bij het lezen van de onderste helft van het display.

Belangrijkste monitoreigenschappen

Van essentieel belang zijn het beeldschermformaat en de beeldverhouding. Mensen met verminderd gezichtsvermogen worden vaak te snel grote monitoren aangeboden, die niet altijd de juiste oplossing bieden. Wanneer de leesafstand wordt verkort, en vooral wanneer dit in combinatie met gezichtsveldbeperkingen of (functioneel) zicht met één oog optreedt, dient de beeldschermdiagonaal zodanig te worden gekozen dat de volledige weergave zonder grote hoofdbewegingen volledig kan worden gezien. Daarom zijn zelfs in de tijd van breedbeeldschermen en ultrabreedbeeldschermen modellen met een “klassieke” beeldverhouding van 4:3 of 5:4, vaak een goede keuze. Als er voor een breedbeeldformaat wordt gekozen, is vanwege de geringe breedte een 16:10-formaat vaak beter dan het veel voorkomende 16:9-formaat.

Bovendien zijn de antireflectie, de kijkhoekstabiliteit, de helderheid, het contrast en de kleurtemperatuur relevante eigenschappen. De mogelijkheid een zwenkarm volgens VESA-norm te bevestigen, is ook een belangrijke eigenschap. Daarnaast moet op de keurmerken (TCO, TÜV, enz.) worden gelet.

Mensen met verminderd gezichtsvermogen hebben vaak speciale vereisten wat betreft de helderheid en het contrast van een monitor. De helderheid moet daarom over een breed bereik in te stellen zijn. Dit geldt ook voor de kleurtemperatuur, die door de verschillende spectrale samenstelling van de respectievelijke lichtkleuren schittering kan veroorzaken, of juist verminderen.

Kleurtemperatuur
Verschillen in de kleurtemperatuur

De plaatsing van de monitor kan soms tot extreme kijkhoeken leiden, bijvoorbeeld bij neerwaarts gerichte blik of op een bijzonder korte afstand. Daarom is een stabiel contrast van de kijkhoek ook bijzonder belangrijk. Goede voorbeelden hiervan zijn monitoren met IPS- of VA-technologie. Ook speelt de ontspiegeling van het beeldscherm een ​cruciale rol, omdat het storende reflecties op het schermoppervlak sterk vermindert. Een gebrekkige ontspiegeling is vooral merkbaar bij een negatieve polariteit (wit schrift op een zwarte achtergrond). Mensen die gevoelig zijn voor licht gebruiken deze instelling vaak, dus juist zij moeten vooral op een goede ontspiegeling letten.

Beeldschermresolutie

De resolutie, die vaak als een zeer essentiële eigenschap van de monitor wordt beschouwd, speelt voor klassieke kantoorwerkplekken een relatief ondergeschikte rol. Monitorresoluties worden weliswaar steeds hoger (bijvoorbeeld 4K UHD), maar deze zijn voor de werkplek minder relevant. Daarnaast moet worden bedacht dat een hogere resolutie allereerst een kleiner beeld veroorzaakt, wat het herkennen moeilijker maakt, of een hogere vergrotings- of schaalfactor vereist. Hogere resoluties zijn interessant wanneer er daadwerkelijk meer informatie moet worden weergegeven, zonder dat de afmeting van de afbeelding een rol speelt. Vooral met een monitorafmetingen van 27 inch en meer wordt een WQHD-resolutie gebruikt. De pixels zijn bij deze resolutie kleiner en liggen dichter bij elkaar – de weergave is dus scherper en de hoeveelheid weergegeven informatie neemt toe.

Mensen met beperkt gezichtsvermogen nemen verschillen in resolutie vaak niet meer waar. Daardoor kunnen – bij monitoren met een goed interpolerend vermogen – ook gereduceerde resoluties worden gebruikt om zo een grotere weergave te realiseren.

Voor de scherptewaarneming van een monitor is over het algemeen de pixeldichtheid, dus het aantal pixels per oppervlak, de belangrijkste waarde. Als het aantal pixels op een klein oppervlak bijzonder groot is (bijvoorbeeld op het display van een smartphone), kan het menselijk oog de afzonderlijke pixels niet meer onderscheiden. Het gevolg is een weergave die als 'haarscherp' wordt ervaren.

Belangrijk bij oplossingen met twee monitoren of het vaak wisselen van de blik

Zoals gezegd is het belangrijk om de verlichtingssterktes op de werkplek in verhouding te brengen. Als de blik vaak tussen twee punten wisselt, moeten die punten zo dicht mogelijk bij elkaar liggen en – voor zover mogelijk – op dezelfde kijkafstand liggen. Twee monitoren die naast elkaar worden gebruikt, moeten daarom bij voorkeur van hetzelfde type zijn en wat betreft de instellingen van helderheid, contrast en kleurtemperatuur op elkaar zijn afgestemd. Ze dienen pal naast elkaar te worden geplaatst en de behuizing van de monitoren dient bij voorkeur dun te zijn.

Ook het papier, waarvan bijvoorbeeld informatie moet worden ingevoerd in de software, dient zo dicht mogelijk bij de monitor te worden geplaatst. Om de leesafstand aan te passen aan die van de monitor, kunnen documenthouders worden gebruikt. Vaak is het ook nuttig gebruik te maken van een extra bureaulamp waarmee het document beter kan worden verlicht en een aanpassing aan de helderheid van de monitor kan worden gerealiseerd.

Naast de klassieke opstelling waarbij de monitoren naast elkaar worden geplaatst, is het ook mogelijk om ze boven elkaar te plaatsen. Om er bij deze opstelling voor te zorgen dat de bovenste monitor niet te hoog wordt geplaatst, zijn er beslist twee zwenkarmen nodig. Hiermee kan de onderste monitor zo laag mogelijk worden gehouden en extreem achterover gekanteld worden – vergelijkbaar met de opstelling van een documenthouder. De hoofdmonitor wordt in dit geval recht boven de achterwaarts gekantelde monitor geplaatst.

De juiste bril als basis

Zelfs als er rekening wordt gehouden met alle tot nu toe genoemde factoren, kunnen er toch nog problemen met het gezichtsvermogen optreden. Daarom moet altijd eerst de bril als mogelijke oorzaak van de klachten worden gecontroleerd. In verband met een – meestal leeftijdsgerelateerd – verminderd accommodatievermogen (het aanpassingsvermogen van het oog aan verschillende kijkafstanden) of een verkorte leesafstand, is meestal een individueel aangepaste beeldschermbril vereist. Deze vormt vervolgens de basis voor alle verdere maatregelen.

Professioneel advies

Tot nu toe is uitsluitend ingegaan op monitoren en enkele aspecten op het gebied van de ergonomie en het gezichtsvermogen. Al naar gelang het type gezichtsbeperking zijn er echter aanvullende speciale hulpmiddelen of lampen nodig om een werkplek optimaal aan te passen aan het gezichtsvermogen van de gebruiker. Het is daarom raadzaam voor mensen met een gezichtsbeperking om professioneel, onafhankelijk advies in te winnen. Bij zo'n advies wordt rekening gehouden met alle relevante aspecten, zodat een passende inrichting van de arbeidsplek kan worden gegarandeerd.

Top